Nou kan ik natuurlijk een heel verhaal op gaan hangen, over hoe relaxed het er hier allemaal aan toegaat op het werk en hoe geweldig het allemaal wel niet is, maar evengoed blijft het natuurlijk gewoon werk, met een stuk verantwoordelijkheid, waar ze hier overigens niet dol op zijn en natuurlijk ook een bepaalde hoeveelheid druk op de schouders, waar ze ook niet echt wild van zijn. Maar er zijn ook wel degelijk verschillen.
In tegenstelling tot wat wel eens beweerd wordt over Sørland, kennen ze hier wel degelijk stress. Vaak gaat het over niks, maar ze maken zich wel eens druk. Meestal gaat het dan over hele kleine dingen of een beslissing die ze nu toch echt moeten nemen. Ze zullen ook nooit direct zeggen, wat ze nou werkelijk bedoelen, maar ze vermommen het een beetje: "gut, lange stuklijst zeg, heb je nou echt al die onderdelen nodig voor dit ontwerp??". Dan bedoelen ze dus eigenlijk dat het moelijker is, dan ze verwacht hadden. "Er staan wel veel onderdelen op deze tekening", betekent dat het liever over twee of drie tekeningen verspreid had moeten worden. "Daar zouden we eens een tekening van moeten hebben", betekent dat IK naar Duitsland moet bellen (want Nederland grenst nou eenmaal aan Duitsland), om aan die goede mensen een tekening te vragen.
Als je eenmaal hebt leren luisteren naar al hetgeen wat nou juist niet uitgesproken wordt, dan valt het allemaal best mee. Verder zijn ze ook enorm geinteresseerd in de mens achter het hele verhaal. Ze vragen nooit of een project goed loopt, maar eerder of je er nog plezier in hebt, of je het nog leuk vindt, of het wel is wat je ervan had verwacht, of de klant vriendelijk is, en meer van dat soort dingen.

Eigen initiatief is ook nul: "gut een probleem....." en dan stopt alles. Niemand durft een harde uitspraak te doen, niemand neemt een beslissing, want voor je het weet, heb je ineens de verantwoording, en dat wil je natuurlijk niet. Dus wachten ze gelaten af tot die maffe Nederlander komt, dan kan die de beslissing nemen, en dan kunnen we later altijd zeggen dat het zijn schuld was. Handig, vandaar dat ik waarschijnlijk ook mijn vaste aanstelling al heb bij AMEK.
Tijdens de middagpauze eten we en praten we tegelijk, tafelmanieren kennen ze hoegenaamd niet. Ze praten over van alles en nog wat maar absoluut niet over werk en nemen daar dan ook gerust alle tijd voor. Afhankelijk van het onderwerp duurt de pauze dus een half uur tot een uur.
Je begint met werken tussen zeven en negen, en na acht arbeidsuren hou je dan ook weer op. Niemand controleert dat, je registreert niks, alles gaat in goed vertrouwen. Zo had ik na een maand al de sleutel en de code van het alarm en dat vertrouwen werkt. Op de spreekwoordelijke uitzondering op de regel na, maakt daar niemand misbruik van, je zorgt gewoon dat je er bent en je probeert gewoon zo goed mogelijk je ding te doen. In de praktijk betekent dat, dat ik iets voor zevenen binnen kom rollen, en tussen drie uur en half vier rol ik weer naar buiten. Je krijgt vervolgens 25 en 12 vakantiedagen, want het moet natuurlijk ook weer niet teveel op werk gaan lijken. Verder heb ik mijn eigen kantoortje met uitzicht op een royaal bosperceel met bijbehorende berghelling en kabbelend beekje, goed voor de sfeer, maar iets minder voor de werklust. Ook de route naar het werk, door prachtige bossen en bergen, met twee echte, ambachtelijk uitgehakte tunneltjes doet daar geen goed aan (de werklust wel te verstaan).
Ook doen die stugge en terughoudende Noren er alles aan om me maar op mijn gemak te laten voelen. Een zeldzaam gastvrij, open en behulpzaam volkje, niet altijd naar ik heb vernomen, maar in ons specifieke geval konden we ons geen warmer welkom wensen, ook op het werk.